22 mei 2026

10 jaar Brede Welvaart onderzoek in de regio: welke lessen hebben we geleerd?

Hoe maak je het begrip brede welvaart concreet en tastbaar in de praktijk? 

Het afgelopen decennium heeft het begrip “brede welvaart” zijn intrede gedaan in het economische en politieke domein en is in rap tempo omarmd. In bijna elke beleidsnota is tegenwoordig de ambitie opgenomen om bij te dragen aan brede welvaart. Maar zodra je verder kijkt naar wat hiermee precies wordt bedoeld, dan wordt het al snel vaag. Dit voedt een gevoel van onbehagen. Als ambitie is brede welvaart een mooie begrip, één waar je niet op tegen kan zijn, maar hoe voorkom je dat het bij lege woorden blijft?

Dit gevoel van onbehagen wordt versterkt in het huidige tijdperk waarin, mede door de nieuwe informatietechnologie, in toenemende mate sprake is van een ontkoppeling met het tastbare. De ontkoppeling met het tastbare maakt het mogelijk om “efficiënt” te werken, maar heeft als nadeel dat de interactie (en daarmee een directe feedback-loop) ontbreekt, waardoor ongewenste neveneffecten niet worden ‘gevoeld’. Hierdoor kan het (onbedoeld) een eigen leven gaan leiden. Zo kan het dat dat er geïnvesteerd wordt in een activiteit die winstgevend is maar in de breedte weinig toevoegt, of zelfs schadelijk is, voor mens en maatschappij.

In dit licht past bijvoorbeeld ook de bijdrage van Kim Putters vanuit de SER die pleit voor een brede welvaartsvisie als kompas, voor een koers naar voorspoed voor iedereen. De hamvraag is: maar hoe doe je dat? Hoe maak je het werken aan brede welvaart concreet en tastbaar?

Onze visie op brede welvaart kan als volgt worden samengevat:
Visie op welvaart

In dit artikel delen we aan aantal generieke lessen uit onze adviespraktijk. Lerend van een aantal goede, maar zeker ook van minder goede ervaringen uit de praktijk.

Les 1: Door brede welvaart verandert de positie van het regionaal economisch beleid

Met brede welvaart als kompas verandert de manier waarop naar regionaal economisch beleid wordt gekeken. Economische ontwikkeling staat niet langer op zichzelf, maar wordt nadrukkelijk verbonden met de maatschappij en het milieu. Dat vraagt om expliciet te maken hoe regionaal economisch beleid zich verhoudt tot niet alleen de materiële welvaart, maar ook deze bredere aspecten van welvaart. Zie navolgend figuur voor de wijze waarop de nieuwe denkwijze voor de ontwikkeling van regionale economie vorm krijgt.

Nieuwe denkwijze regionale economie

Daarbij is het belangrijk om wrijvingen tussen verschillende vormen van welvaart niet uit de weg te gaan. Juist daar waar belangen botsen ontstaat het inzicht in de sturende keuzes die gemaakt moeten worden. Als adviseurs zijn wij in de positie - en in staat - om deze spanningen tijdig in het besluitvormingsproces boven tafel te krijgen en zo te helpen om de vaak verborgen gevolgen van keuzes expliciet te maken en te verfijnen.

Les 2: Trap niet in de definitieval – brede welvaart is geen doel op zich

Brede welvaart is geen doel op zichzelf. Een begrip dat zo veelomvattend is vormt geen hanteerbaar doel; dat  is net zoiets als het doel om ‘de wereld te verbeteren’. Je kunt niet alles wat onder brede welvaart valt maximaliseren, er zullen altijd afruilen zijn tussen verschillende dimensies/aspecten. Zo levert (meer) inkomsten uit werk, het verlies van vrije tijd.

Brede welvaart is een denkkader dat helpt om grip te krijgen op een brede(re) maatschappelijke waarde. Het is daarom belangrijk om niet te blijven hangen in discussies over de juiste definitie. Die bestaat namelijk niet.

In de praktijk wordt brede welvaart in alle stadia van de beleidscyclus gebruikt: als perspectief bij visievorming, als kader voor het formuleren van opgaven en doelen, als hulpmiddel bij projectbeoordeling en als basis voor monitoring. Voor elk stadium geldt dat hier andere definities, indelingen, thema`s en indicatoren van belang en of beschikbaar zijn.  

De les die we na tien jaar praktijkonderzoek hebben geleerd, is om zo min mogelijk te spreken over “brede welvaart”. Maar juist het gesprek te voeren over dat wat men onder de noemer van brede welvaart wil bereiken. Het is belangrijk om expliciet te maken hoe het begrip in een specifieke context wordt toegepast. Kies samen één indeling als vertrekpunt en werkt van daaruit de project specifieke context uit.

Het is daarom verstandig het begrip op het juiste moment los te laten. Brede welvaart kan goed dienen als denkkader bij het formuleren van opgaven of bij het meten van effecten van projecten, maar het moet niet zelf het doel van beleid of een project worden. Het is immers geen doel op zich. Belangrijker is om concreet te maken welke specifieke bredewelvaarts-aspecten men wil bereiken. Deze zijn altijd context specifiek.

Tegelijkertijd is het belangrijk dat de basisgedachten van het brede welvaart denkkader in elk project worden “gevangen”. Dat wil zeggen dat tegelijkertijd verantwoordelijkheid wordt genomen voor (onbedoelde) consequenties. Dus op andere aspecten van de brede welvaart. De opbouw, zoals weergegeven in navolgend figuur geeft hierbij een handig houvast:

Brede welvaart foto 3

Les 3: Belang van een eenduidige aanpak

Brede welvaart is niet politiek gekleurd. Integendeel het maakt verschillen in maatschappelijke waarden zichtbaar en legt onderliggende belangen en afruilen bloot, juist vanuit alle perspectieven op het politieke spectrum.

De intentie van waaruit wordt gestart is wel van belang. Geregeld merken wij in onze adviespraktijk dat een eerdere projectbeslissing of onderzoeksuitkomst niet welgevallig is, waarna wordt gevraagd om een verdiepende brede welvaartsanalyse. In de hoop dit te ‘corrigeren’. Voorkom dat brede welvaart als koepelterm wordt gebruikt, en bij wijze van je project binnenwandelt, met de verwachting dat er dan opeens wel een ‘gunstige’ projectbeslissing volgt.

Vooraf duidelijkheid scheppen over hoe brede welvaart wordt toegepast helpt om verwarring en discussie achteraf te voorkomen. Hiervoor is een helder protocol nodig dat helpt om bewuste en navolgbare keuzes te maken. Daarbij is het aan te bevelen om reeds in een vroeg stadium expliciet te maken welke aspecten van brede welvaart worden meegenomen en op welke manier. Dit vraagt ook om een zorgvuldige inbedding en duidelijke communicatie richting betrokkenen en het bredere publiek.

Les 4: Belang van een gezamenlijke taal en zorgvuldig proces

Brede welvaart is een begrip dat verschillende dimensies van maatschappelijke waarde met elkaar verbindt. Bovendien zitten er twee verschillende belangrijke transitie-stromingen achter het concept van brede welvaart (zie les 8). Dat betekent dat betrokken partijen elkaars taal (nog) moeten leren spreken.

Rond brede welvaart bestaat dan ook niet één vastomlijnd beeld. Wat onder brede welvaart wordt verstaan, kan per context en per betrokkene verschillen. “Het bewust omgaan met de verschillen in perspectief is de essentie van een goed brede welvaartsonderzoek” aldus Jaap Bovens, senior adviseur brede welvaart bij BCI. Dat wat van belang is in het kader van brede welvaart, is “in the eye of the beholder”. Dit is enerzijds een onhandige limitatie. Krijg immers al die verschillende beelden maar eens bij elkaar in een werkbaar geheel zonder dat dit uitmondt in een Poolse landdag. En anderzijds vormt het ook de charme van het concept: het biedt ruimte om uiteenlopende waarden en perspectieven zichtbaar te maken en met elkaar in verband te brengen.

In het figuur zijn de belangrijkste valkuilen (oranje) en sterke punten (groen) opgenomen:

Brede welvaart foto 4

Les 5: Wees bewust van de twee belangrijke transitiestromingen achter brede welvaart

We leven in een tijdperk waarin de impact van de mens, met haar toenemende economische activiteiten, de kwaliteit van haar eigen (globale) leefomgeving onder druk zet en zo de ontwikkeling van haar eigen brede welvaart ondermijnt. Om dit te ondervangen zijn er grofweg twee transitiestromingen te onderscheiden. De eerste stroming werkt toe naar een ander systeem (een paradigma verschuiving), veelal door het kleinschalig van onderop opbouwen in nieuwe vormen. En de ander stroming probeert binnen het bestaande systeem verbeteringen aan te brengen, bijvoorbeeld door het internaliseren van externe kosten. Deze twee stromingen lichten we kort toe:

Transitie stroming 1: paradigma-verschuiving

In het academische debat over brede welvaart wordt vaak gesproken over de noodzaak van een paradigmawisseling. Hierbij wordt brede welvaart als belangrijkste argument gezien om te komen tot een bredere verschuiving van het (economische) systeem. In deze context gaat brede welvaart in op de beperkingen van het (doorgeschoten) neoliberalisme, met nadelen van een (ongelimiteerd) kapitalisme zonder een regulerende overheid als gezonde tegenkracht voor succesvolle marktwerking. Met bijdragen van denkers, zoals:

  • Club van Rome    : grenzen aan economische groei
  • Thomas Piketty    : die wijst op toenemende ongelijkheid door kapitaalaccumulatie
  • Kate Raworth       : met een model van de donut-economie binnen planetaire grenzen
  • Mariana Mazzucato :  met een pleidooi voor missie gedreven beleid

Zij laten zien dat economische activiteit die onvoldoende verbonden is met maatschappelijke en ecologische waarden leidt tot een afname van brede welvaart. Met zichtbare gevolgen in het heden, zoals de wereldwijde klimaatcrisis, het stikstofvraagstuk, microplastics in het milieu, toenemende zoetwaterschaarste en een groot verlies aan biodiversiteit.

Transitie stroming 2: verbetering binnen het bestaande systeem

Tegelijkertijd wordt brede welvaart ook benaderd en gebruikt als iets dat binnen het bestaande economische paradigma kan worden versterkt. Bijvoorbeeld door groei meer te richten op activiteiten die maatschappelijke waarde toevoegen en door sectoren en domeinen meer verantwoordelijkheid te laten nemen voor het geheel van maatschappelijke opgaven. Hierbij is het van belang om niet alleen de gewenste economie (het nieuwe) op te bouwen, maar ook de bestaande economie en bedrijven te laten veranderen en het oude met zorg en aandacht af te bouwen.

Transitie en schaarste

Een transitie gaat niet van de ene op de andere dag. Dit vraagt daarom zowel om het richting bepalen – via een visie op de lange termijn – als concrete stappen te zetten om de afstand tussen huidige praktijk en gewenste toekomst te overbruggen. Schaarste blijft daarbij een gegeven: keuzes zijn onvermijdelijk. Naast klassieke afwegingen van legitimiteit, effectiviteit en efficiëntie (doorgaans onderzocht in een MKBA) vraagt brede welvaart ook om expliciete keuzes en afruilen tussen verschillende maatschappelijke waarden.

Les 6: Breed beschouwen, scherp kiezen en doen!

Wat we in de praktijk nogal eens zien, is dat het onderzoeken van/naar brede welvaart vooral leidt tot weer een onderzoek, en derhalve een uitstel van keuzes. Het is belangrijk om niet te blijven hangen in het formuleren van ambities of het verder verfijnen van bijvoorbeeld een meer gedetailleerd monitoringsysteem.

Breed beschouwen is goed en scherpe keuzes zijn nodig. Echter, dit ‘beleidscircus’ krijgt pas zijn waarde als het uiteindelijk leidt tot het anders uitvoeren in de praktijk. Waarbij de ruimte is om gaandeweg al lerende aan te passen gericht op je bredere maatschappelijke welvaartsdoelen. Dit is een proces van de lange adem, aangezien het aanleggen van bijvoorbeeld een infrastructureel project in Nederland al gauw ruim een decennium in beslag neemt.

Dit raakt aan de noodzaak tot een betrouwbare overheid. Niks is zo fnuikend voor het vertrouwen in de instituties (ook een belangrijk onderdeel van onze brede welvaart), als we doelen stellen, mooie ambities formuleren, een goed participatie project doorlopen, maar het dan in de uitvoering - om wat voor reden dan ook - niet waarmaken. 

In het kort samengevat als, wie A zegt moet ook D zeggen:

wie A zegt moet ook B zeggen

Met als belangrijke gewetensvragen die je gezamenlijk zou moeten stellen voordat je eraan begint: Durven we het anders te doen? Wat is daarvoor nodig? En kunnen we dat dan ook waarmaken?

Les 7: Zoek het spanningsveld & houdt de verbinding

In trajecten rond brede welvaart is het belangrijk om het spanningsveld tussen verschillende perspectieven bewust op te zoeken en tegelijkertijd de verbinding te behouden. Juist daar waar het schuurt, komen onderliggende belangen en spanningen naar boven. Dat biedt de kans om deze expliciet te maken en gezamenlijk stappen in de juiste richting te zetten.

Een zorgvuldig proces waarin de tijd wordt genomen om elkaars taal te leren spreken helpt om elkaars perspectieven beter te begrijpen (les 4). Een goede bedding is daarbij essentieel. Een bedding die ruimte biedt voor nuance en het mogelijk maakt dat verschillende perspectieven naast elkaar kunnen bestaan. Wanneer je het concreet en tastbaar maakt. Kunnen mensen er opeens ook op tegen zijn. Dat is soms lastig, maar faciliteert wel het juiste gesprek.

Verschillen van inzicht hoeven geen probleem te zijn; juist door ze bespreekbaar te maken kunnen onderliggende aannames en onzekerheden worden gedeeld. In zo’n omgeving ontstaat ruimte om van elkaar te leren en gezamenlijk tot beter doordachte keuzes te komen.

Omdat niet alles tegelijk kan, is het belangrijk om aan het begin van een brede welvaartsproject samen richting te bepalen. Daarbij kunnen de volgende vijf kernvragen helpen:

  • Vraag 1: Vanuit welke bril kijken we naar het begrip brede welvaart?
  • Vraag 2: Wat verstaan we onder brede welvaart in het kader van dit project?
  • Vraag 3: En ook wat niet, wat is buiten scope?
  • Vraag 4: Hoe kunnen we dat concreet maken?
  • Vraag 5: Hoe nemen we de belangrijkste stakeholders hierin mee?

We hopen met deze lessen een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling gericht op een brede welvaart. Samen aan de slag: dromen, durven, denken en doen.

 

Bijlage 1 - Wat doet BCI op deelgebieden die raken aan het concept brede welvaart?

afbeelding 1 infrastructuur
Gerelateerde contactpersonen